Master in de fotografie - studies Sint-Lukas.

 

 

Johan Swinnen - professor beeldcultuur VUB - over Thierry Van Vreckem:

 

 

Thierry Van Vreckem is een belangrijke speler binnen een generatie fotografen. Zijn foto’s balanceren tussen enerzijds de documentaire en anderzijds de autonome fotografie. Als een souffleur achter een foto fluistert Thierry Van Vreckem ons de andere kant van de voordehandliggende beeldtaal. Als metafoor gebruikt hij landschappen, mensen, anekdotes en dagdagelijkse gebeurtenissen die hier en daar uit het niets verschijnen.

Thierry Van Vreckem zijn oog - parallel lopend met dat van zijn Polaroid - heeft zijn richting, zijn filters, zijn blinde vlekken, zijn blik, zijn gedrevenheid, zijn beperktheid, zijn cataract, zijn knipperingen, zijn ‘l'instant décisif’ en zijn diagnostische blik. Het valt in dit boek op dat Thierry Van Vreckem zijn oog heeft gedrenkt in het vrije van de hedendaagse tijd spelend met de fotografische paradox, met het spel van afbeelding tot verbeelding. Hij confronteert ons met zijn ervaringen

vis-à-vis zijn eigen beeldende en virtuele wereld.

Kijken naar deze foto’s is synoniem voor ‘fotoflaneren’ in de wereld van alledag. ‘Fotoflaneren’ betekent: ‘zorgeloos rondslenteren om te kijken en gezien te worden’. Het vindt zijn oorsprong reeds in 1847 van het Franse woord Flâner. Dus ontstaan snel na de introductie van fotografie.
Thierry Van Vreckem flaneert met het zintuiglijk genot met zijn fotografisch talent.

Bij het bekijken van zijn foto’s rijzen er vragen over identiteit, en over het versplinteren van gemeenschappen, bengelend als accessoires aan een melancholisch skelet. De visuele naaktheid van het banale geeft ons een zuiver individuele en persoonlijke confrontatie met zijn eigenzinnige blik. Hij verwijst naar de alomtegenwoordige zoektocht naar identiteit door het medium fotografie te bespelen met het unieke procedé van Polaroid. Deze eenmalige en unieke snapshots zijn spookachtige omzwervingen met veel impact door hun gelaagdheid. Zo krijgen we meerdere, gescheurde en versplinterde identiteiten te zien.

In deze kleine privéwereld tussen de fotograaf en zijn onderwerp hebben we te maken met de wereld, met situaties en omstandigheden, met de samenvoeging van het werkelijke en het onwerkelijke en van de binnenste en de buitenste werelden, die ons beïnvloeden. De non-verbale ruimten in zijn foto's zijn vaak paradoxaal. Ze zijn van essentieel belang voor de hedendaagse vrijheden, omdat ze de sleutel vormen van de manier waarop Thierry Van Vreckem dingen toont. Zijn concept verlicht en ondervraagt  de vooroordelen, ideeën en verschijnselen van het medium fotografie.

Het is dit experimenteel karakter dat deze fotoreeks zo aantrekkelijk maakt. Thierry Van Vreckem toont ons veel moois, authentieks en levends. Hij lijkt wel uit te schreeuwen dat de locatie er zelf ook niets kan aan doen maar dat hij als chroniqueur van het hedendaagse leven ons een spiegel voorhoudt. Of is het een venster van een antiquair waar we doorheen kijken?

Zijn benadering van de fotografie werd beïnvloed door de foto’s van Henri Cartier-Bresson, Josef Koudelka,

Richard Avedon en Rene Burri.
Thierry Van Vreckem weet net als zijn grote voorbeelden het beschikbare licht te vangen om zo verhalen te vertellen op een schijnbaar toevallige ‘snapshot’-manier. De locaties zijn bevreemdende plekken en lijken wel theaterdecors. De anonieme mensen afgebeeld in zijn foto's bewonen deze plaatsen en maken deel uit van de landelijke omgeving en stadsgezichten. Het zijn zeer directe beelden, echte momentopnames.

Het succes van het werk van Thierry Van Vreckem ligt in de kracht dat hij iets doodgewoons op een belangrijke wijze kan visualiseren. Op het eerste gezicht lijken zijn foto's willekeurige waarnemingen, maar zij drukken ten volle het engagement uit van de fotograaf ten opzichte van zijn onderwerpen. Het zou een vergissing zijn om de foto’s van
Thierry Van Vreckem af te doen als irrelevante visuele ruis.

Integendeel, met behulp van zijn Polaroidcamera en de integratie van talrijke details in zijn kadrering, creëert hij een meerlagige betekenis om ons te bekoren.

Wat hij wil bereiken met zijn werk is de nobele opdracht om mensen weer te leren kijken zoals vroeger, toen er 12 foto's op je analoog filmpje stonden. In deze hectische wereld kijken we niet meer echt, we zijn neergedaald op het niveau van naïeve realisten. De beelden in het boek zijn niet gephotoshopt, maar wel door hem geënsceneerd.

Je moet je even in die beelden kunnen verliezen. Uiteindelijk zoeken we allemaal naar dat ene perfecte beeld - dat we gelukkig nooit gaan maken – ook Thierry Van Vreckem niet -, anders stopt het.

 

 

Johan Swinnen

Antwerpen, 1 oktober 2014

 

Over de auteur:

Johan Swinnen is professor beeldcultuur aan de Vrije Universiteit Brussel. Oprichter en voormalig directeur HISK. Vandaag focust hij zijn academisch onderzoek op World Art Studies. Onlangs verscheen van hem ‘De teen van Heraclitus en het penseel van Teniers. Ondernemend denken over cultuur in Vlaanderen.’ (Uitg. Pelckmans, 2014).